top of page

Lichaamsfiguren in de spotlight: Hoe kies je de juiste outfit?

Bijgewerkt op: 29 okt. 2023

Als het op mode aankomt, willen we er allemaal geweldig uitzien en ons zelfverzekerd voelen in wat we dragen. Maar één van de belangrijkste stappen om dit te bereiken is het begrijpen van je eigen lichaamsfiguur. Iedereen heeft een unieke vorm en het kiezen van kleding die bij jouw figuur past, kan een wereld van verschil maken.

In deze blog gaan we dieper in op hoe je de juiste outfit kiest voor jouw lichaamsfiguur.


Waarom is je lichaamsfiguur belangrijk?

Je lichaamsfiguur is de basis van je stijl. Het bepaalt welke kledingstukken je natuurlijke vormen het beste benadrukken en flatteren. Wanneer je begrijpt welk lichaamsfiguurtype je hebt, kun je je garderobe opbouwen rond kleding die specifiek geschikt is voor jou. Dit kan leiden tot meer zelfvertrouwen en comfort in wat je draagt.


De verschillende lichaamsfiguren

de verschillende lichaamsfiguren

Laten we eens kijken naar de belangrijkste lichaamsfiguurtypen en hun belangrijkste kenmerken (de lichaamsfiguurtypes op de foto bespreken we hieronder in volgorde):


1. Appelfiguur (figuur 1):

  • Kenmerken: Een appelfiguur wordt gekenmerkt door vollere borsten en geen goed zichtbare taille. Gewicht wordt vaak rond het midden verdeeld met vollere bovenarmen en slankere benen.

  • Doel: Het doel bij een appelfiguur is om de aandacht weg te leiden van de buik naar de benen en de taille te accentueren voor een evenwichtigere uitstraling.

2. Peerfiguur (figuur 2):

  • Kenmerken: Bij een peerfiguur zijn de heupen breder dan de schouders. De onderste helft van het lichaam is doorgaans breder dan de bovenste helft. De borsten zijn in verhouding vaak iets kleiner en de billen wat voller samen met een slanke taille en platte buik.

  • Doel: Het doel bij een peerfiguur is om de aandacht naar boven te trekken en de heupen in balans te brengen met de schouders.

3. Omgekeerde driehoek (figuur 3):

  • Kenmerken: Bij dit figuurtype zijn de schouders breder dan de heupen, waardoor het bovenlichaam opvalt. De onderkant van het lichaam is meestal smaller.

  • Doel: Bij een omgekeerde driehoek is het doel om de schouders in balans te brengen en de aandacht weg te trekken van het bovenlichaam.

4. Rechthoekig figuur (figuur 4):

  • Kenmerken: Bij een rechthoekig figuur zijn de schouders en heupen ongeveer even breed en is de taille minder gedefinieerd. Het lichaam heeft vaak een rechte uitstraling.

  • Doel: Het doel bij een rechthoekig figuur is om de illusie van een taille te creëren en rondingen toe te voegen.

5. Zandloperfiguur (figuur 5):

  • Kenmerken: De zandloperfiguur heeft een goed gedefinieerde taille en evenwichtige heupen en schouders. Het boven- en onderlichaam zijn in verhouding met elkaar.

  • Doel: Bij een zandloperfiguur wil je de natuurlijke rondingen benadrukken zonder ze te overdrijven.

Hoe bepaal je welk lichaamsfiguur je hebt?

Niet zeker welk figuurtype je bent? Hier is een eenvoudige methode om je lichaamsfiguur te bepalen:

1. Draag geen of strakke kledij en neem een meetlint en notitieboekje.

2. Meet je schouders, taille en heupen en noteer deze metingen.

  • Schouders: Meet over de top van je schouders, van het breedste punt aan de ene kant tot het breedste punt aan de andere kant.

  • Taille: Meet rondom het smalste deel van je taille, meestal net boven je navel.

  • Heupen: Meet rondom het volste deel van je heupen.

3. Schouder-heup-taille ratio:

  • Als je schouderomtrek aanzienlijk groter is dan je heupomtrek, wat kan wijzen op een "omgekeerde driehoek" of "appel" lichaamstype. Is je taille daarbij eerder even breed als je schouders? Dan wijst dit eerder op een "appel" lichaamstype.

  • Omgekeerd, als je heupomtrek aanzienlijk groter is dan je schouderomtrek, heb je mogelijk een "peer" lichaamstype.

  • Is de schouderomtrek ongeveer gelijk aan de heupomtrek, wijst dit op ofwel een "zandloper" lichaamstype of een "rechthoekig" lichaamstype. Is de taille gelijklopend, dan wijst dit eerder op een "rechthoekig" lichaamstype. Is de taille aanzienlijk kleiner? Dan wijst dit eerder op een "zandloper" lichaamstype.

Do's en Don'ts voor elk figuurtype

Nu je jouw lichaamstype weet, kunnen we dieper ingaan op de specifieke do's en dont's samen met voorbeelden van kledingstukken die het beste werken om je figuur te flatteren.


Appelfiguur:

Do:

  1. Kies voor V-halzen. Zo laat je je bovenlichaam wat minder zwaar lijken.

  2. Kies voor blouses en jurken met een overslag. Zo verhul je je buikje en laat je ook wat huid zien.

  3. Je benen mogen gezien worden. Draag daarom gerust wat kortere rokken.

  4. Neem voor je bovenstukken donkere kleuren en verticale strepen om je optisch slanker te maken.

Don't:

  1. Vermijd te strakke/hooggesloten tops en riemen rond je buikgebied om zo geen extra aandacht te vestigen op je bovenlichaam.

  2. Hetzelfde geldt voor ruches en drukke prints op je bovenkleding.

Peerfiguur:

Do:

  1. Kies voor tops met ruches en drukke prints om zo de aandacht te vestigen op jouw bovenlichaam. Ook lichtere kleuren helpen hierbij.

  2. Kies voor schouderdetails zoals schoudervullingen en pofmouwen.

  3. Maak je benen optisch slanker door broeken of rokken te dragen die aan de onderzijde wijder uitlopen. Ook hoge hakken doen je benen slanker lijken.

  4. Kies eerder voor een broek of rok in een donkere tint, dit leidt namelijk de aandacht af.

Don't:

  1. Vermijd oversized T-shirts en sweaters.

  2. Vermijd broeken en rokken in lichtere kleuren en met prints.

  3. Vermijd skinny jeans en strakke rokken

Omgekeerde Driehoek:

Do:

  1. Kies voor wijde rokken en jurken die mooi aansluiten op je taille. Deze laten vervolgens de taille wat smaller lijken en de heupen voller.

  2. Een broek die lager op de heupen valt, zorgt ervoor dat je heupen meer benadrukt worden.

  3. Kies voor een V-hals of overslag.

Don't:

  1. Vermijd tops met opvallende schouderdetails zoals pofmouwen en schoudervullingen.

  2. Vermijd strapless of off-shoulder tops of jurken.

  3. Vermijd strakke rokken of jurken. Deze zullen namelijk je smalle heupen benadrukken.





Rechthoekig figuur:

Do:

  1. Benadruk je taille met bijvoorbeeld taillebanden of peplum.

  2. Ook optisch kan je je taille benadrukken door de schouders en heupen te verbreden. Dit kan bijvoorbeeld met pofmouwen, schoudervullingen, ruches of experimenteer met wijde broeken.

  3. De aandacht naar je taille trekken, kan ook simpel door je mouwen op te stroppen.

Don't:

  1. Vermijd in het algemeen kleding die je taille niet definieert.

  2. Vermijd verticale strepen. Deze maken namelijk je figuur dunner en rechter.




Zandloperfiguur:

Do:

  1. Benadruk jouw taille met getailleerde blazers, jassen, wikkeljurken.

  2. Ga voor een high-waist broek of rok die wijder uitloopt onderaan.

  3. Ga voor kleine prints, donkere kleuren, strakke tops om je slanker te laten lijken.

Don't:

  1. Vermijd kledingstukken die je curves overdreven benadrukken zoals super strakke jurken en korte rokjes.

  2. Zorg ervoor dat je bovenstukken niet eindigen op het breedste van je heupen. Dit trekt namelijk de aandacht en maakt je optisch breder.

  3. Vermijd dikke breisels. Deze flateren niet en maken je breder.

Bij So Belli helpen we je graag bij het vinden van kleding uit ons aanbod die perfect bij jouw lichaamsfiguur past.

Comments


bottom of page